Een wervelend stuk tekst is als manifest gepubliceerd van jonge theologen en voorgangers binnen de Protestantse Kerk. Daar verbind ik mij graag aan! Tegelijk heb ik ook een paar vragen.
Volgens mij kan dat makkelijk samengaan: ergens mee instemmen en gelijk tegengas geven. Als je met een Gideonsbende gaat vissen, bespreek je ook met elkaar hoe en waar je het beste kunt vissen.
Jezus Christus.
In het hele stuk komt de naam van Jezus Christus niet voor. Niet de evangelische 'Jezus', als liturgische 'Christus' of als veilige combinatie. Dat vind ik gek in een stuk dat oproept om het over de kern te hebben. Wij belijden dat wij God ten diepste leren kennen door Christus. Natuurlijk zijn er verschillende zienswijzen op de Christologie. Leerstellig is er overeenkomst: een zichzelf ontledigende God die het lijden doorgaat. De mens volgt Jezus in zelfopoffering, dienstbaarheid en liefde naar de naaste. Daar gaat het over in een 17e eeuwse dienst en een hippe Emerging Church.
"Wil het licht blijven branden .."
Prof. Jansen stelde mij ooit tijdens college een vraag die ik goed onthouden heb: 'waar gaat het je om? Een volle kerk of het doorgeven van het evangelie?' Durven we ook heel confronterend te zijn en zeggen dat de kerk in het westen gewoon dood is? Dat de visvijver dood is? Past het evangelie van delen, lijden en naastenliefde nog? Of snakt deze tijd ernaar?
Ik ga mee in dit punt, maar vind wel dat het licht uitdoen ook als realiteit moet worden gezien.
Dichtgetimmerd systeem & verjaardagsvisitie
Tegen wie zet het manifest zich af als het gaat over het dichtgetimmerd systeem? Zijn die kerken ook niet 'kerk'? Inderdaad niet het type wat jongeren aanspreekt. Of: niet alle jongeren, zeg ik uit ervaring.
Ondertussen vormen deze dichtgetimmerde bastions wel een deel van de kerk van vandaag. Ik kom van links naar rechts in de kerk. Ongeacht stroming zijn er inderdaad gemeenten die potdicht zitten. In hun orthodoxie of juist heterodoxie. Dichttimmeren heeft mijns inziens meer met cultuur te maken dan met stroming.
Soms vergeten missionaire theorieën dat wij ook een verantwoordelijkheid hebben voor de 'bloemkolenkapsels' die in de kerk zitten. De zorg voor de bestaande kudde mag niet uit het oog verloren worden voordat je gaat kijken welke schapen er nog meer rondlopen.
Een koerswijziging is echter wel nodig. Maar verandermanagment leert ons dat je nooit en te nimmer te snel voorbij de status quo mag gaan. Want juist als je vooruit wilt, wordt er dan door de goegemeente stevig op de rem getrapt.
Om er nog een schepje bovenop te doen: ook in kerken met 17e-eeuwse structuren vinden buitenstaanders hun weg naar de kerk. Doordat ze meededen met de rommelmarkt. Maar meer nog omdat ze aangesproken werden en begrepen waar het over ging. Vorm dient inhoud, maar is daarmee een klassieke liturgie niet meer relevant?
Het is ons geleerd op homiletiek: (s)preek alsof je voor 4 mavo (s)preekt. Duidelijk, helder en begrijpbaar. Hier schort het aan (het manifest wijst hier ook op). Hoe komt het dat dit punt vaak zo slecht in praktijk wordt gebracht? Hebben we wel de juiste structuren om hiermee elkaar te confronteren?
Liturgische kleedjes naast een verantwoord bloemstuk
Als ik voorga in een gemeente waarvan ik een hoge zweeffactor (sorry voor het woord) vermoed, dan probeer ik een zo concreet mogelijke preek te houden. Daar werd tot nu toe goed op gereageerd. Ik vraag mij af in hoeverre de schuld van een lichtliefdeliturgisch-houding ook niet te wijten is aan de voorganger zelf.
Toon pit, blijf jezelf. Houd jezelf voor dat je maar 1 kans hebt om je standpunt duidelijk te maken. Ga je mee in de lichte liefdevolle liturgiek of is het alleen een opstap om je identiteit en heldere boodschap te laten horen?
Reageer